Langeveen gaat voor kunstgras

Langeveen is blij. Want met de realisatie van een kunstgrasveld, wordt de leefbaarheid van het dorp verhoogd. Daarover zijn niet alleen de leden van de plaatselijke voetbalvereniging V.V. Langeveen het eens, maar alle inwoners. Daarmee voldoet de aanleg van het veld aan de criteria voor Mijn Dorp 2030 en kan de club rekenen op een financiële bijdrage van de gemeente.

In oktober van het vorige jaar, vroeg de Stichting Renovatie Voetbalaccommodaties Tubbergen (SRVT), die het beheer van de buitensportaccommodaties in samenwerking met de Werkgroep Onderhoud Tubbergen (WOT) uitvoert, de gemeente om een eenmalige bijdrage om kunstgras aan te leggen. Omdat die bijdrage zou moeten komen uit het potje van Mijn Dorp 2030, moest de aanvraag aan een aantal voorwaarden voldoen.

“Binnen het proces Mijn Dorp 2030 worden inwoners van de verschillende kernen uitgedaagd om na te denken over de toekomst van hun dorp”, vertelt wethouder Roy de Witte. “In de ideale situatie worden verschillende zaken zoals onderwijs, sport, gezonde leefstijl en dergelijke met elkaar gecombineerd en is er in het dorp een breed draagvlak voor de plannen die gemaakt worden. We zien Mijn Dorp 2030 als een soort bloem, waarbij de inwoners van het dorp het hart van de bloem vormen en de diverse projecten die spelen in een dorp de bloemblaadjes zijn.” Het al dan niet aanleggen van kunstgras in de dorpen is volgens de wethouder een mooi voorbeeld van een bloemblaadje. “Op basis van de demografische ontwikkelingen van het dorp en het toekomstige ledenaantal van de clubs, kan een dorp besluiten om al dan niet kunstgras aan te leggen. Een breed draagvlak binnen het dorp is daarbij belangrijk.”

Het brede draagvlak is wat betreft de aanleg van kunstgras in Langeveen volgens voetbalvoorzitter Jan Mensen zeker het geval. “We hebben hierover uitgebreid gesproken met een grote groep dorpsgenoten. Ook mensen die geen lid zijn van de voetbalvereniging, maar wel belang hebben bij een mooie en duurzame accommodatie”, zegt hij. “Daarnaast financiert Langeveen het veld zelf voor 50 procent en steken we waar mogelijk zelf de handen uit de mouwen.”

Jan Mensen gaat ervan uit dat een goede accommodatie leidt tot een concentratie van activiteiten binnen het dorp waar niet alleen de voetbal gebruik van maakt. “Het komt de saamhorigheid binnen ons dorp ten goede, omdat ook andere verenigingen, de ondernemers en instellingen profiteren van deze faciliteit. Juist die saamhorigheid is belangrijk. Want naast het sportieve element heeft voetbal een groot sociaal karakter. In beweging zijn, presteren in teamverband, maar ook het doen van vrijwilligerswerk en de gezelligheid die daarbij hoort, gaan bij onze sport hand in hand. Dat is voor ons ook belangrijk aandachtspunt bij de ledenwerving en ledenbehoud. Wij proberen nieuwe jeugdleden enthousiast te maken, maar vinden ook het behoud van oudere leden is belangrijk. Actieve en gezonde sportende mensen zijn gewoon heel belangrijk voor de gemeenschap.”

Ook binnen de voetbalraad is met grote tevredenheid gereageerd op het voorstel voor kunstgras dat het college van Tubbergen aan de raad gaat voorleggen. “Het is mooi dat ook de kleinere clubs nu de mogelijkheid krijgen om kunstgras aan te leggen”, vindt Gerard Oude Lansink. “Omdat er goed gekeken is naar de eventuele krimp van het aantal leden in de toekomst en om een werkelijk duurzame oplossing te creëren, wordt het kunstgras aangelegd op een bestaand natuurgrasveld. Vervolgens wordt het trainingsveld op korte termijn afgestoten.”

Vooralsnog is Langeveen het enige dorp dat volgens het principe Mijn Dorp 2030, dus met breed draagvlak binnen het hele dorp, een aanvraag heeft gedaan voor een kunstgrasveld. “We zijn benieuwd of andere dorpen hier ook mee komen of juist niet”, besluit wethouder de Witte. “Het is in elk geval goed om de voors en tegens in een zo breed mogelijk verband af te wegen en vervolgens samen tot een besluit te komen dat echt toekomstbestendig is. Kunstgras is overigens geen must binnen Mijn Dorp 2030. Zo heeft Manderveen zich juist gerealiseerd dat gezien het toekomstperspectief kunstgras bij hen niet echt noodzakelijk is.”